De bewustzijn-hulp en bijstand van weetgierigheid

Nieuwsgierigheid of curiositeit eigen aan mens en dier, is een innerlijke begeerte naar kennis. Het gevoel voor avontuur wordt gestimuleerd door de bewustzijn-hulp&bijstand van weetgierigheid. Hij duwt in de richting van vooruitgang, om door leergierigheid tot nieuwe kennis te kunnen komen, om de dingen beter te leren kennen. Men spreekt van avontuurlijk evolueren.

De levenssituatie van de mens kan er door veranderen wanneer hij het ware avontuur van het leven wil beleven. Hieruit vloeit geleidelijke intellectuele groei en wetenschappelijke voortgang (progressie – evolutie).

Iedere dag doet zich, hoe dan ook, op een verschillende manier voor. In het fysische- en het bewustwordingsleven worden wij voortdurend geconfronteerd met wisselende situaties. Gelukkig biedt de adjuvat van weetgierigheid de mogelijkheid om met verandering om te gaan. Ook dankzij de ingeschapen gave van aanpassing kunnen mens en dier weer nieuwe kennis en verrijkende ervaringen opdoen.

Deze bewustzijn-hulp&bijstand laat mensen en dieren toe, om perfect en natuurlijk, de activiteit, met betrekking tot hun lichamelijke behoeften, uit te voeren, wat ervaring toelaat.
De avontuurlijke activiteiten, zonder bedenking noch berekening zijn niet impulsief maar eerder “instinctief” (een ingeboren natuurdrift) te noemen.

Alleen de mens gebruikt zijn weetgierigheid tot iets nieuws, om vorderingen te maken.

  • Lichamelijk: in ieder kind is er een drijfkracht, een intens verlangen, om zo vlug mogelijk groot te worden, om te kunnen doen wat papa, mama, de oudere zus of broer ook kan of mag doen.
  • Materieel: in ieder van ons is de drijfkracht, een verlangen om materieel vooruit te komen, wij blijven niet bij het gekende, wij zijn geïnteresseerd in nieuwe performantere dingen.
  • Intellectueel: het hele schoolsysteem eist vooruitgang naar een doel toe, in de richting van een diploma, wij kunnen niet blijven steken bij dezelfde gekende kennis.
  • Relationeel: in een relatie moeten wij kunnen komen tot een betere zelfkennis en kennis van de andere. Een partner die eist dat je hem of haar moet nemen zoals hij of zij is, schrijft de relatie ten dode op.

Mensen kunnen hun weetgierigheid gebruiken om de waarde en de goedheid van een situatie en/of een persoon of een ding in te schatten.
Deze grotere verworven bekwaamheid maakt het potentieel van inschatting en volbrenging reëler en vaster.
Als de mens het wil en ervoor kiest, kan hij verlangen naar een persoonlijke ideevorming van alles en van het alles. Wij moeten zoekende groeien.

Het is dankzij de bewustzijn-hulp&bijstand van weetgierigheid dat mensen ertoe komen op zoek te gaan om de natuur van de Alwijze Bron te leren kennen, om het kosmisch avontuur aan te durven.

Door observatie kunnen wij vaststellen dat wij, enerzijds gedreven worden, het aanlokkelijke en het aantrekkelijke te leren kennen, en anderzijds, lokt onze nieuwsgierigheid ook datgene wat afstotelijk is.

De hulp en bijstand van weetgierigheid staat in rechtstreeks contact met onze wil en wilskeuze. Zij helpen onze persoonlijke ontwikkeling al dan niet vooruit.

Wij kunnen zien wat er onder deksels verscholen zit, onze bewustmaking verruimen. Die dienstverlening laat mensen toe te groeien, nieuwe kennis op te doen, te transformeren naar iets onbekends, dit maakt het leven boeiend en verrijkend.

Persoonlijk toelaten dat er verandering komt, zet aan om vrijwillig anders te worden. Daardoor komt de mens in het leven vooruit.

Weetgierigheid leidt een persoon in de tempel van zoeken naar het ware.
Wie ben ik?
Wat doe ik hier?
Waar ga ik heen?
Welk is mijn rol in het leven?
Hoe kan ik die rol vervullen?

Wezens eerste grote avontuur is zijn geboorte, de weg vanuit de uterus naar de buitenwereld. De baby schreeuwt…en het is gebeurd. Alle nodige energieën, voor zijn bestaan, zijn in hem vervat. Zijn levendigheid uit zich, zijn aardse weetgierigheid start op. Dit proces “schijnt” simpel, maar er is heel wat “schepping-programmatie” aan vooraf gegaan.

Het ter wereld komen betekent dat tijdsnotie begint te spelen.

Tijd is ontworpen als een oneindig milieu waarin gebeurtenissen zich opvolgen, waarin alles verandert, waar alles zich verplaatst. Nieuwsgierigheid maakt gretig gebruik van de tijd. Steeds maar opnieuw willen mensen, in een door hen welbepaalde tijdspanne, iets te weten komen.

Wezens doorlopen in een gegeven tijdsduur de bloei en de verwelking van het aardse lichaam, de ontwikkeling en de aftakeling van de fysische psyché.

Wij redeneren in termen van tijd daar de menselijke bewustheid, door samenhang, weet heeft van sequenties, van beeldenreeksen die zich rapporteren als gevolg van opeenvolgende geordende evenementen.

De waarneming van tijd is voor de mens voortdurend aanwezig. Tijd wordt steeds aangevoeld als een kracht, inwerkend op de wereld met daarop haar verbonden levende wezens. Wij leven de tijd met de fenomenen die er zich in afspelen. Tijd is onzichtbaar, hij eist dat wij hem juist gebruiken door de hulp in te roepen van iets anders dan hijzelf, iets dat waarneembaar kan zijn. De tijd ontrolt zich in de ruimte als een “granulaat”, die in werkelijkheid een geheel van bestanddelen is. De tijd is, in het werelds leven, de bron van referaat tussen de betrekkingen.

Voor onze organisatie hebben wij ons toebedeeld met een referentiesysteem.

Wij stelden de fractionele burgertijd in,

  • een dag beslaat vierentwintig keer een uur van zestig minuten
  • de kalender is een systeem van tijdsindeling gestoeld op hoofdzakelijk astronomische verschijnselen.

De mens bezit het vermogen van notie, hij kan zich een beeld vormen van de toekomst.

Nu dat onze nieuwsgierigheid en onze weetgierigheid voldaan is kunnen we verder naar ” De bewustzijn-hulp en bijstand van associatief-verbinden en associatie-weten”. Klik daarvoor hierop.